Gezinswetenschappen eindelijk erkend voor een bachelordiploma
Het was een lang proces, maar de opleiding Gezinswetenschappen is eindelijk erkend als professionele bachelor. Studenten die in juni 2008 aan het Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen (HIG) afstuderen, gaan als professionele bachelors door het leven. ”Nu hebben we echt alle reden om te feesten op zaterdag 29 september, bij de start van het academiejaar”, zegt een zeer tevreden directrice Gaby Jennes. ”Ik zal er wel over waken dat we onze eigenheid en emancipatorische uitstraling blijven behouden.”
”Vijf jaar geleden heeft het HIG de eerste stappen gezet om de huidige graduaatsopleiding Gezinswetenschappen te laten erkennen als professionele bachelor. Deze opleiding zit binnen het volwassenenonderwijs – nu het hoger beroepsonderwijs – en kon door het Bolognadecreet van 2003 niet automatisch aanspraak maken op de bachelor-titel, terwijl dat in de hogescholen wel het geval was.
In januari 2005 is de visitatiecommissie bij ons op bezoek gekomen. Maar vanwege problemen met regelgeving én de behoefte aan bijkomende visitatierapporten heeft het uiteindelijk nog twee jaar geduurd eer de erkenning definitief rond was. Een van de problemen had te maken met onze doelgroep. Wij blijven van mening dat de opleiding in de eerste plaats geschikt is voor mensen met al enige werk- en opvoedingservaring. Toch stelde de Nederlands-Vlaamse Accreditatieorganisatie (NVAO) de vraag of ons leerpad ook voldoende geschikt zou zijn voor achttienjarige instromers. Daarom hebben wij een voorstel uitgewerkt waarbij schoolverlaters de kans krijgen om binnen onze opleiding halftijds te werken en te studeren. Dat sluit aan bij de visie van de onderwijsminister die een groot pleitbezorger is van zogenaamd werkplekleren.”
Maar er zijn nog voorwaarden. Het HIG mag het bachelordiploma pas uitreiken als het instituut zich integreert in een hogeschool. Nu al is zeker dat het een instelling in Brussel wordt en vermoedelijk zal de intentieverklaring met de partnerhogeschool volgende maand rond zijn. Op dat ogenblik wordt Gezinswetenschappen – na goedkeuring door de minister – officieel opgenomen in het hoger onderwijsregister.
Historische stap
”Dit is schitterend nieuws voor ons én voor de Gezinsbond.” zegt Gaby Jennes. ”Het ’gezin’ heeft nu voor het eerst in de Vlaamse onderwijsgeschiedenis een volwaardige plaats gevonden binnen het hoger onderwijs. En wie bij het HIG spreekt over het gezin, heeft het over allerlei gezins- en opvoedingsthema’s, die veel ruimer gaan dan alleen maar problematische opvoedingssituaties.
Een bachelordiploma biedt voor onze studenten meer perspectieven op tewerkstelling. Ze krijgen bij sollicitaties dezelfde behandeling als iemand die een soortgelijk diploma in het dagonderwijs behaald heeft. Maar ook voor afgestudeerden is het een goede zaak, al blijven zij ’gegradueerden’. Wij zullen er in onze gesprekken met de minister voor ijveren dat een afgestudeerde op termijn de titel van professionele bachelor mag dragen. Dat is niet alleen belangrijk voor hun tewerkstelling, maar ook voor vervolgopleidingen. Het zou toch onrechtvaardig zijn dat een HIG-afgestudeerde die vandaag een bachelor na bachelor wil volgen alleen als vrije student wordt toegelaten...”
’Excellente docenten’
Gaby Jennes heeft er alle vertrouwen in dat de onderhandelingen met een Brusselse hogeschool goed zullen verlopen. Toch wil ze de komende jaren – haar laatste termijn trouwens als directrice – erover waken dat de eigenheid van het HIG niet verloren gaat. ”We zijn uniek in onze formule, een opleiding met per week één dag contactonderwijs en vooral veel zelfstudie. We slagen erin om met een degelijk team van gastdocenten kwaliteitsonderwijs aan te bieden. Dat werd door de visitatiecommissie erkend, want bij haar beoordeling gaf zij onze docenten de score ’excellent’.” In de toekomst wil het HIG Elders Verworven Competenties (EVC) op het vlak van gezin en familie nog beter zichtbaar maken. Daarmee worden niet alleen vaardigheden, maar ook kennis over opvoeding en relaties bedoeld. En naast de eigenheid ligt ook het emancipatorische karakter van de opleiding de directrice na aan het hart. ”Dat aspect werd erg gewaardeerd door de visitatiecommissie én de NVAO. Veel volwassenen volgen onze opleiding in combinatie met werk en gezin. Daarom is het belangrijk dat de EVC-beoordeling niet op een zware bureaucratische manier gebeurt die de drempel verhoogt in plaats van verlaagt. Zodra een student de opleiding start, zullen we hem of haar natuurlijk streng beoordelen. Dat is niet meer dan normaal als je kwalitatief onderwijs wil blijven geven. Maar geef mensen toch eerst de kans om zich te bewijzen.”