| X | ||||
| X |
Publicatie Gezondheidszorg biedt veel toekomstWie snel aan het werk wil, kiest het best voor een opleiding binnen de gezondheidszorg. Verpleegkunde is de beste garantie. DE ideale studiekeuze is dat de opleiding van je hart samenvalt met goede kansen op de arbeidsmarkt. Dat is niet altijd het geval. Wie bijvoorbeeld een hart heeft voor beeldende kunst of voor de Afrikaanse talen en culturen, weet dat de overgang naar de arbeidsmarkt niet zo vlot verloopt als in andere studierichtingen. In dat geval gaat het hart voor op het verstand.Wie het omgekeerde wil doen - het verstand laten voorgaan op het hart - kijkt in de eerste plaats naar de arbeidsmarkt (zie hiernaast). En dan is de keuze snel gemaakt: verpleegkundige, kinesist, logopedist... In de lijst van opleidingen waarvan de meeste afgestudeerden na een jaar werk hebben, scoort de gezondheidszorg bijzonder hoog. De vergrijzing schept in die sector veel toekomstkansen. De vraag is natuurlijk hoe pragmatisch je daarin kunt zijn? Wie heeft gelijk? Het hart of het verstand? In de jongste Campuskrant, het tijdschrift van de KULeuven, houdt ingenieur Luc Monserez, docent aan de Katholieke Hogeschool Brugge-Oostende (KHBO), een pleidooi voor de pragmatische keuze. ,,Het houdt geen steek dat gediplomeerde psychologen als opvoeder of bankbediende aan de slag moeten'', zegt hij. Daarom pleit hij ervoor om ,,jongeren met zachte dwang in de richting van economisch nuttiger richtingen te sturen''. Een contingentering zou kunnen vastleggen hoeveel jongeren jaarlijks tot een bepaald beroep worden toegelaten. Naar efficiëntie klinkt dat heel goed. Maar de vraag is in hoeverre jongeren hun studie volhouden als ze niet hun eigen interesse volgen. Een deel van de studenten zal zich kunnen conformeren, bij een ander gedeelte wringt het ongetwijfeld. Bovendien ligt de toekomstige arbeidsmarkt niet precies vast. In dezelfde Campuskrant werpt Jan Herpelinck van de dienst studieadvies tegen dat een opleiding moet worden losgekoppeld van een bepaald beroep. En hij geeft een ander economisch tegenargument. ,,Een jongere die niet slaagt in zijn studie kun je evengoed als een verloren investering zien'', zegt hij. ,,Bij 'zachte dwang' sneuvelt de motivatie, en die bepaalt mee de kans op slagen.'' Vanuit zijn ervaring als studiebegeleider stelt Eric Depreeuw vast dat steeds meer jongeren hun hart laten spreken. ,,Daar staan de ouders tegenover, die naar het verstand luisteren: je gaat toch geen opleiding doen waar je achteraf niets kunt mee aanvangen?'' Als advies geeft de coördinator studiebegeleiding van de KUBrussel om de ultieme keuze aan het hart te laten. ,,Je kunt als ouder wel argumententen aandragen. Je kunt aanbrengen dat het bijvoorbeeld verstandiger is om eerst een andere studie te doen, en later eventueel een specialisatie te volgen. Je kunt de jongere confronteren met de feiten. Maar als die niet afgeeft, dan moet hij de keuze van zijn hart volgen.'' Bovendien moet je volgens Depreeuw vertrouwen hebben in een student. ,,Iemand die heel bewust een opleiding filosofie kiest, in de bewuste wetenschap dat hij het op de arbeidsmarkt niet gemakkelijk zal hebben, dan moet je daarin vertrouwen hebben. Hij zal wel op zijn pootjes terechtkomen.'' In ieder geval luidt het advies om erover te spreken. ,,Luister naar de adviezen van professionals, maar wees ook kritisch'', zegt Eric Depreeuw. ,,Dat bijvoorbeeld de slaagkansen van studenten die uit het technisch onderwijs komen lager zijn, moet je niet per se doen afschrikken. Luister wel naar de argumenten, maar laat eveneens van je horen. Als je erg gemotiveerd bent, zeg dat dan. En als je denkt dat je het echt wel kunt, ga er dan voor.''
|
|||
|