| X |
Competenties
van de professionele bachelor
bij de leden van
vzw-Bachelor.be

Professioneel
gerichte bachelorsopleiding studiegebied Architectuur
Bachelor
in de interieurvormgeving
HOGENT
departement ACAD
KHM departement Interieur & Design
Sint
- Lukas
W&K
departement Architectuur
Katholieke
Hogeschool Mechelen - MECHELEN - Associatie K.U.Leuven
- top
De
bachelor in interieurvormgeving beschikt over de algemene,
beroepsgerichte en beroepspecifieke competenties zoals deze worden
beschreven in het beroeps- en het opleidingsprofiel van de
interieurvormgever.
Het beroep is hierin herleid tot vijf typefuncties: voorstudie,
ontwerp, advies, verkoop, organisatie. Deze worden verder opgesplitst
in deelfuncties, die op hun beurt worden onderverdeeld in taken. Deze
worden geanalyseerd naar contextgegevens, ondersteunende kennis en
beroepshouding.
De interieurvormgever is in staat om deze taken uit te voeren.
De vijf typefuncties uit het beroepsprofiel werden vijf functionele
gehelen in het opleidingsprofiel (voorstudie, ontwerp, advies,
neerslag, organisatie). Ze worden verder opgesplitst in onderdelen, op
hun beurt verdeeld in vaardigheden en telkens geanalyseerd naar
contextgegevens, ondersteunende kennis en attitude.
Basiscompetenties:
De afgestudeerde interieurvormgever is in staat om op een kritische
wijze informatie te verwerven en te verwerken. Hij/zij kan complexe
probleemsituaties in de beroepspraktijk analyseren en definiëren.
De afgestudeerde is in staat om zijn idee, ontwerp visueel en
mondeling te presenteren.
Hij/zij kan de verworven theoretische kennis als parate kennis
hanteren.
Hij/zij is in staat zelfstandig, kritisch en ethisch verantwoord te
denken.
De attitude tegenover het metier is gericht op het streven naar
innovatie.
De opleiding is zowel algemeen vormend als specifiek gericht op de
beroepspraktijk. De basisvaardigheden worden aangeleerd via de
praktijkoefeningen en in de ondersteunende theorievakken. Zodoende
worden alle facetten van het beroep uitgelicht en getraind.
Uitgaande van een programma in een bepaalde ruimtelijke situatie en
maatschappelijke context, kan de afgestudeerde een ontwerp uitwerken
wat als sturend element gebruikt wordt om de fysische en psychische
omgeving van de mens vorm te geven.
De opleiding kan gestructureerd worden in drie lagen. Per laag (per
jaar) neemt de complexiteit toe qua schaal, qua techniciteit, op het
vlak van meubel versus interieur, van wonen naar publieke ruimtes, op
het vlak van conceptvorming. De afgestudeerde interieurvormgever moet
hierdoor in staat zijn om op instapniveau de verschillende
beroepsmogelijkheden aan te kunnen. Door individuele differentiatie
tijdens de opleiding kan hij zich reeds meer bekwamen in specifieke
beroepsvelden.
De afgestudeerde kan vorm geven, organiseren, plannen, visualiseren en
begeleiden van de realisatie van het interieur van gebouwde omgeving
of van interieurelementen. Hij heeft inzicht in ontwerpmethodiek en
kan deze ook toepassen.
De interieurvormgever heeft inzicht in de ruimtelijke en vormelijke
organisatie.
De uitstraling van identiteit en karakter, de praktische oplossingen
voor functionaliteit en gebruikscomfort, het beheer van budget en
timing, worden door hem/haar zorgvuldig bestudeerd en opgelost met
geschikte materialen, aangepaste constructiewijzen en hedendaagse
technologie.
De interieurvormgever is getraind in groepsdynamische vaardigheden
waardoor hij/zij zowel professioneel en polyvalent kan functioneren in
teamverband als zelfstandig kan werken.
Hij/zij is in staat om samen te werken met mensen die het concept
moeten realiseren.
Hogeschool
Sint-Lukas Brussel - BRUSSEL - Associatie K.U.Leuven
- top
De opleiding
interieurvormgeving leidt professionele ontwerpers van interieurs en
interieurelementen op, die bovendien in staat zijn de uitvoering ervan
te begeleiden. De opleiding is sterk praktijkgericht met zowel een
cultureel/artistieke als een technisch/theoretische onderbouw. De
opleiding heeft raakvlakken met architectuur, productontwikkeling en
met audiovisuele en beeldende kunst. Het toepassingsveld van de
interieurvormgeving is zeer verscheiden en opdeelbaar in een veelheid
van subdomeinen. In de interieurvormgeving gaat het dikwijls om de
inrichting van private en publieke ruimten, om het ontwerpen van
meubels, gebruiks- en designobjecten, om de opbouw van
tentoonstellingen en standen. Maar het kan ook gaan om het ontwerpen
van ruimtelijke installaties, om scenografie of om bepaalde
textieltoepassingen. Door middel van een systeem van
"zelfnavigatie" kiezen de studenten zelf hun atelier en
theoretische sessies, in functie van hun eigen interesseveld binnen de
veelheid aan subdomeinen die de interieurvormgeving kenmerkt.
De afgestudeerde interieurvormgever beschikt over de creatieve,
intellectuele, praktische en technische vaardigheden om de realisatie
van interieurs en interieurelementen vorm te gegeven, te realiseren,
te plannen, te visualiseren en te begeleiden. Daarvoor:
- Is de afgestudeerde
interieurvormgever in staat om zelfstandig beslissingen te nemen
op het vlak van ontwerp, planning en realisatie van interieurs en
interieurelementen. In het bijzonder is hij/zij in staat om door
middel van ruimtelijke analyse, onderzoek en reflectie een
persoonlijke visie of concept te ontwikkelen dat hij/zij als een
sturende idee hanteert om tot een creatief en technisch
uitvoerbaar ontwerp te komen. Dit ontwerp kan zowel een bestaande
ruimtelijke toestand betreffen als slaan op de creatie van een
compleet nieuwe ruimtelijkheid op een verbeeldingrijke manier
- Beschikt de
afgestuurde over de nodige technische kennis en vaardigheden om
zijn/haar ruimtelijke ideeën en inzichten accuraat op te tekenen,
te visualiseren en te communiceren naar anderen. In het bijzonder
is hij/zij in staat zijn/haar ruimtelijke concepten grafisch voor
te stellen door middel van plannenstudies, perspectieftekeningen
en schetsen en door middel van computeranimatie of maquettes. De
afgestudeerde beheerst het gebruik van de daartoe geëigende
computerprogramma's en is in staat schaalmodellen en prototypes te
maken
- Houdt de
afgestudeerde interieurvormgever zich op de hoogte van de
actualiteit en de evoluties in de architectuur, wooncultuur, mode,
kunst, design en meubelontwerp en volgt de technische evoluties op
het vlak van nieuwe materialen en nieuwe toepassingen. In het
bijzonder betoont hij/zij een grote bezorgdheid voor en heeft
affiniteit met ergonomische en ecologische normen,
maatschappelijke problemen, historisch kader, enz. Daarvoor is de
interieurvormgever vertrouwd met bibliotheekbezoek, lezingen,
tentoonstellingen, musea... en is hij/zij in staat professionele
vakliteratuur kritisch te verwerken
- Is de afgestudeerde
interieurvormgever in staat ontwerpopdrachten praktisch te
organiseren en te plannen. Daarvoor kan hij/zij de bestaande
toestand van een site opmeten, een inschatting maken van de
verwachte kostprijs, bestekken en meetstaten opmaken waarin de
materialen en hun plaatsing of verwerking worden beschreven,
kwaliteitseisen worden gesteld en termijnen bepaald. Bovendien is
de afgestudeerde in staat de uitvoering van ontwerpen te
controleren
- Kan de afgestudeerde
interieurvormgever zowel op zelfstandige basis als in
professioneel teamverband polyvalent ontwerpen of gespecialiseerd
zijn in één of meerdere subdomeinen van de interieurvormgeving
Hogeschool
voor Wetenschap en Kunst - GENT - Associatie K.U.Leuven
- top
Het studiedomein omvat
alle interieure situaties : van wonen, diensten, evenementen, e.a. tot
mobiele situaties met kortstondige of zeer specifieke herbergzaamheid.
De onmiddellijk gelieerde domeinen zijn daarom product design en
architectuur. De kernkwalificaties van de beroepsgerichte bachelor zijn
:
- brede
professionalisering
- multidisciplinaire
integratie
- toepassing van de
wetenschap
- transfer en brede
inzetbaarheid
- creativiteit en
complexiteit in handelen
- probleemgericht werken
- methodisch en
reflectief denken en handelen
- sociaal communicatieve
bekwaamheid
- basiskwalificatie voor
managementsfuncties
- besef van
maatschappelijke verantwoordelijkheid.
De opleiding bevat eveneens een substantiële praktijkleerperiode (10 à
15% studielast) in rechtstreekse interactie met de beroepspraktijk. De
bron van kennis is toepassingsgericht :
- bestaande kennis en
praktijk in een beroepsomgeving
- bekendheid met
wetenschappelijke onderzoeksresultaten
- aansluiting bij
ontwikkeling van nieuwe kennisstromen.
De opleiding wordt gestructureerd in 4 vakgroepen : Culturele vorming,
Grafische vorming, Technische vorming en ontwerpen. Binnen deze
vakgroepen worden telkens meerdere opleidingsonderdelen aangeboden.
Hiervoor verwijzen wij naar het overzichtsschema curriculum. De
opleiding is toepassings- en ervaringsgericht met het oog op een directe
inzetbaarheid op de arbeidsmarkt. Daarom bevat het curriculum ook een
stage-module en een uitvoeringsgebonden project. Dit brengt de studenten
in contact met de concrete marktsituatie en leert hen oplossingen met
realiteitszin zoeken, professionele contacten leggen met uitvoerders, reële
materiaalkeuzes maken, organiseren en coördineren.
Atelier is kern van de opleiding : Het doel is hier op syncretische
wijze eisen, kennissen, en inzicht oplossend te verenigen in projecten.
Allereerst wordt ontwerpmethodologie aangeleerd; tegelijk wordt door
analyse inzicht gegeven in het fenomeen 'ontwerpen' en in de
ontwerpprocessen, met het doel concepten naar uitvoerbaarheid toe
creatief te kunnen doorontwikkelen. Geleidelijk wordt ook aangeleerd
zelf te ontwerpen.
De ontwerpattitude is gericht op authenticiteit en cultuurgebondenheid.
Over de 6 semesters groeit de complexiteit via een welafgewogen pakket
van casestudies, in verschillende interieure contexten en schalen.
De eindtermen en evaluatiecriteria van de bachelor zijn:
- probleemgevoeligheid
en geëngageerd initiatief
- inzichten in de
tijdsgeest en maatschappelijk, menselijke relevantie - visie
- programmatorisch
onderzoek en contextanalyse
- duidelijke
conceptvorming
- persoonlijke
(ver)beelding
- constructief logische
vertaling
- relevant voorbeeld van
uitvoerbaarheid
- voor zichzelf
sprekende voorstelling en accurate verdediging
De eindproef
(bachelor-proef) is een synthese-examen. Het gepresenteerde werk moet
voor zichzelf spreken. De intenties van de auteur moeten blijken,
veeleer dan verdedigd te worden.
De culturele vorming zal het veld traceren waarbinnen de
beroepsactiviteit een zin krijgt die het individueel handelen
overstijgt. Uitgangspunt is de vervlechting van Interior Design met en
in het actuele culturele en maatschappelijke leven. De studie behandelt
de maatschappelijke en cultuurfilosofische en- historische perspectieven
met al hun ensceneringen en zelfrepresentaties. De kunsten vormen een
belangrijke focus, als experimenteerdomein van de menselijke verbeelding
inzake verleden, heden en toekomst.
De beeldende vorming zal door analyse van de belangrijkste vormprincipes
en beeldende middelen aanleren vormen en vormsoorten te onderscheiden en
te hanteren. Het doel is :
- kennis vergaren en
inzicht verwerven in de plastische, grafische en virtuele
beeldvorming
- al doende vaardigheden
ontwikkelen door omgang met diverse plastische, grafische en visuele
middelen
- een inventief, intuïtief
en goed geordend geheel weten te beelden vanuit opdrachten.
Kleurenleer, ontwikkeling
van het eigen kleurgevoel; pertinente waarneming en objectieve
voorstelling met persoonlijke toets; digitale technische en multimediaal
denken, krijgen bijzondere aandacht.
De technische vorming zal toepassings- en ervaringsgericht technische
kennis aanbrengen en deze creatief leren toepassen. Het doel is de
vaardigheid bijbrengen om een probleem te onderkennen en de
probleemstelling te formuleren, toepasselijke kennis te vergaren en
onderzoek daarrond te verrichten, en ten slotte oplossingen voor te
stellen. Er wordt ingezoomd op materiaalkennis, detaillering, afwerking
(alles na het casco) en meer in het bijzonder op infrastructuur,
akoestiek en dgl. Afbouw- en meubelconstructie zijn onderdeel van de
vorming.
Oefeningen en practica zijn belangrijk, evenzo ook studiebezoeken en
workshops en de beschikbaarheid van een documentatiecentrum.
Kennis van elementaire beginselen en begrippen uit de bouwtechnische
omgeving en de designwereld zijn onontbeerlijk, evenals noties van
stabiliteit en lastendaling.
Binnen de culturele en technische vorming zal van de aanvang van de
studie de benadering van de actualiteit en de moderne visies, parallel
verlopen met de historische en traditionele visies.
Hogeschool
Gent - GENT - Associatie Universiteit Gent
- top
Bachelors in de
interieurvormgeving zijn inzetbaar in tal van deelgebieden. Deze brede
waaier situeert zich van verkoop (detail/groothandel), via advies, naar
organisatie, visualisatie tot ontwerp en uitvoering. Door zijn opleiding
moet de interieurvormgever bekwaam zijn om zijn taak te vervullen als
zelfstandige of in dienstverband. De interieurvormgever kan werkzaam
zijn in de bouwsector (nieuwbouw, vernieuwbouw), in de meubelsector, in
de verlichtingssector, in de sectoren standenbouw, decorbouw, beurs- en
tentoonstellingsconcepten, e.a.
De eindtermen van de bacheloropleiding zijn de volgende:
- een uitvoeringsdossier
kunnen opstellen
- een project passend,
origineel en ergonomisch kunnen laten functioneren op vlak van
ruimtelijkheid, design, materiaalgebruik en bouwtechniek
- kunnen inschatten van
de gevolgen van een ingreep op bestaande constructies
- een ontwerpbureau
kunnen organiseren
- voldoende
boekhoudkundige kwaliteiten bezitten om een eigen praktijk te kunnen
opstarten
- een actualiteit
cultuurhistorisch kunnen situeren
- een professioneel
portfolio kunnen opstellen over ten minste één deelaspect van het
beroepsveld
- een adequaat
organigram kunnen maken van complexe leefsituaties
- de meest voorkomende
hedendaagse digitale communicatietechnieken kunnen gebruiken
- een ontwerpdossier
kunnen expliciteren aan een neutrale externe beoordelingsgroep
- zich klantgericht
kunnen opstellen zonder de essentie van het ontwerp uit het oog te
verliezen
- een visie ontwikkelen
over de interieurarchitectuur
|
X |